Epilepsie

August 2013  

  
Aanvallen kunnen door verschillende dingen opgewekt worden—ongeluk, een secondair effect of andere ziekte, of vergiftiging als ook erfelijkheid. Als je een hond met aanvallen hebt is het eerste wat je moet doen uitzoeken waarom hij dit doet. Elke hond welke een grote aanval heeft gehad zou door een dierenarts onderzocht moeten worden..

Met een ongeluk, andere ziekte of vergiftiging zullen de aanvallen meestal stoppen wanneer je de primaire conditie behandeld, maar als de primaire conditie hersenbeschadiging veroorzaakt heeft, kunnen de aanvallen blijven bestaan. Een grondig onderzoek bij de dierenarts kan de oorzaak bepalen als de aanvallen door iets anders dan erfelijke epilepsie worden veroorzaakt.  Bij nagenoeg alle andere oorzaken zijn er signalen dat er naast de aanvallen iets mis is. De grootste uitzondering kan een hersentumor in aanvang zijn, welke in eerste instantie niet opgemerkt word omdat het testen ( MRI ) erg duur is.

Een enkele aanval is niet een zekere indicatie van epilepsie. Honden met epilepsie zullen hun hele leven  met tussenposes aanvallen hebben. Soms kunnen deze tussenposes enkele maanden zijn, vooral in het begin van de ziekte. Soms hebben honden plaatselijk aanvallen, kleine gebeurtenissen die de eigenaar niet opmerkt.  Aanvallen kunnen voorkomen wanneer de hond niet in de buurt van de eigenaar is. Wanneer er een tweede aanval plaats vind, lijkt het erop dat de hond primaire epilepsie heeft.

 

Aanvallen vinden meestal niet plaats bij de dierenarts. Als het mogelijk is een video te maken van de aanval, kan dit de dierenarts helpen met een diagnose. Als de hond regelmatig aanvallen heeft

 ( wekelijks, dagelijks of soms uren ertussen) houd dan een logboek bij waar het gebeurt, hoelang, wanneer, en wat er kort aan vooraf is gegaan, alsook een omschrijving van de aanval zelf. Deze gegevens kunnen de dierenarts helpen bij een diagnose of behandeling.

Als er geen reden gevonden word, worden de aanvallen beschouwd als “primaire”of “idopathic epilepsy”wat betekent dat er onbekend is waarom het gebeurt. Er word aangenomen dat dit erfelijke epilepsie is. Er is momenteel nog geen test beschikbaar voor primaire epilepsie dus kan er alleen een diagnose worden gesteld door alle andere oorzaken uit te sluiten.

Primaire epilepsie kan niet genezen en herstellen. Gedurende zijn hele leven zal de hond aanvallen hebben als hij geen medicijnen krijgt. De aanvallen worden vaak erger als ze niet behandeld worden. Behandeling is geen garantie dat de hond geen last meer heeft. De medicijnen hebben neven effecten en soms worden ze ineffectief. Epilepsie kan dood veroorzaken.

De mate van ver erving is niet eenvoudig.  Tot nu toe heeft onderzoek uitgewezen dat het kan komen door meerdere genen of misschien genen plus regulerend DNA  welke een invloed hebben op de functie van de genen. Deze genetische complexiteit betekent dat beide ouders van een epileptische hond genen bijdragen die lijden tot de ziekte. De bijdrage hoeft niet gelijk te zijn, maar op dit moment is er geen mogelijkheid om te bepalen hoeveel elke ouder bijdraagt. Het is mogelijk dat in ons ras er meerdere vormen van erfelijke epilepsie zijn.

Dit is een zeer ernstige, mogelijk dodelijke ziekte, welke duur is om te behandelen en enkele jaren in beslag kan nemen. Het kan een erg emotionele en financiële stressvolle situatie zijn voor de mensen die voor de lijdende hond zorgen.

 Daarom  mag er  niet met een epileptische hond gefokt worden, noch zijn 1e generatie familie ( ouders, nakomelingen, nestgenoten of half-nestgenoten) Er moet met familie van verder generaties met grote voorzichtigheid gefokt worden om te voorkomen dat er andere families aangetast worden. Deze ziekte komt zoveel voor in het ras dat het gemiddelde risico dat de hond de genen draagt erg hoog is.  Fokkers met honden die veel risico dragen zouden partners voor hun hond moeten vinden met weinig risico.  Inteelt of lijnteelt met een stamboom waar veel epilepsie in voorkomt verhoogd het risico op nakomelingen welke de ziekte kunnen ontwikkelen.

 Vertaald door Anneke de Jong